Terug naar het Noorden

    Mijn goede voornemen voor 2016 is het weer oppakken van de blogs op deze site. Ik ben gestopt met schrijven op het moment dat we naar Addis zijn verhuisd. Van het rustige dorpse Bahir Dar waren we weer terug in de grote stad. Ik had t al eerder gedaan en was vertrouwd met Addis. Maar wonen in een miljoenenstad als vrijgezelle vrouw is toch anders dan als gezin met twee kleine meiden. Wendemagegn was gevraagd om naar Addis te komen om een hoge pief te worden op het ministerie van gezondheidszorg. Hij wilde wel en ook weer niet. Mij leek ’t niks. Voor hem, voor ons en voor de kinderen. Na drie maanden wikken en wegen heb ik ingestemd. We gingen het proberen.

    We hebben ruim twee jaar in Addis gewoond. Addis met twee kleine meisjes en een man die een hoge pief is geworden op een ministerie is qua drukte alsof je weer in Nederland woont. Nu hadden we het ook nog gepresteerd om precies in Addis te gaan wonen op de hoogtijdagen van de files. In die twee jaar is er dwars door de stad aan een treinrails aangelegd. Dat zorgde voor opengebroken wegen en doorgaande routes die niet meer bestonden. Ik durf er niet over te zeuren want ik had een auto, mijn collega’s stonden vaak een uur in de rij wanneer ze over moesten stappen van het ene minibusje naar het andere.

    Toen belanden we op ALERT, het Lepra ziekenhuis aan de rand van Addis met ongeveer 30 huizen. Die huizen worden ter beschikking gesteld aan medewerkers van het ministerie en dus nu aan ons. Ik wilde wéér niet. ALERT ligt helemaal aan de andere kant van het deel van Addis wat mij zo vertrouwd was geworden en het betekende nóg langer in de file staan naar mijn werk. Maar als je ALERT binnen was, kwam je in een oase terecht. We kregen een heerlijk ruim huis met een weiland van een tuin. En de meiden hadden een klein dorpje waar ze zich veilig in konden bewegen. Bijna meteen hadden ze vriendjes die dagelijks kwamen spelen en van die grote stad hebben ze niet veel mee gekregen.

    Zo hebben we weer twee jaar deel uitgemaakt van de miljoenenstad Addis die alsmaar groter en wereldser lijkt te worden. Wonend in een paradijsje omringd door de armoede van de mensen die aan Lepra lijden en de rijkdom van ambassades en bedrijven, allemaal vlak naast elkaar. Zo werd ik agressiever in het verkeer dan me lief is om vooruit te blijven komen in de files. Heeft Wendemagegn hoogte en diepte punten gevonden in zijn werk bij het ministerie en er vooral een heel goed en spannend gevoel aan over gehouden. Hebben we mee gedaan aan dingen die de grote stad te bieden heeft. Zo hebben we de smog opgesnoven en zijn we 70% van de tijd verkouden geweest (en haast nooit ziek ).

    En nu zijn we weer terug in Bahir Dar en ben ik gelukkig. Met mijn fiets, het meer, de extra tijd die we hebben doordat de files er niet meer zijn en de afstanden kleiner zijn, de warme zon, de vrienden die we hier hadden achter gelaten. Maar in het begin was ik de enige. Grieta en Ineke misten hun vriendjes in Addis, de vrijheid van het ALERT-terrein, de juffen en kinderen van de peuterschool. Wende had moeite met het loslaten van de nationale taken waar hij aan werkte, de drukte op het ministerie. Hij had het gevoel dat hij werkeloos was in zijn baan aan de universiteit van Bahir Dar en was gefrustreerd om de problemen in het systeem te zien zonder zelf direct aan de oplossing te kunnen werken.

    Inmiddels zijn we allemaal weer thuis in Bahir Dar. We zien elkaar weer meer dan voorheen en genieten we van het warme weer, het langzamere leven, het zwembad de kleine gemeenschap hier waar je veel meer lief en leed mee deelt omdat je nooit in de file hoeft te staan om ze te zien.

    Geef een reactie

    Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.